De statutair bestuurder en de WWZ

De invoering van de WWZ (2015) heeft ook de rechtspositie van de statutair bestuurder van (onder meer) de NV, de BV en van de stichting gewijzigd. Aangezien de wijzigingen op sommige punten afwijken van die voor de ´gewone´ werknemer, wordt hieronder een overzicht gegeven van de belangrijkste verschillen. Mocht u na het lezen van dit overzicht nog vragen hebben, neemt u dan gerust contact met ons op.

Preventieve ontslagtoets: geldt niet voor bestuurders (behalve stichtingsbestuurders)
De statutair bestuurder is op twee manieren met de onderneming verbonden: via de vennootschapsrechtelijke band en via de arbeidsrechtelijke band. De Hoge Raad heeft bepaald dat wanneer de vennootschapsrechtelijke band wordt beëindigd door een besluit van het daartoe bevoegde orgaan (meestal de vergadering van aandeelhouders), de arbeidsrechtelijke band eveneens wordt verbroken. Daarvoor is geen toestemming van het UWV of (ontbinding door) de rechter nodig. Dit is anders als partijen dat zijn overeengekomen of wanneer er sprake is van een opzegverbod*. Toestemming van het UWV of (ontbinding door) de rechter is niet vereist voor ontslag van de (NV, BV, vereniging, coöperatie) bestuurder, maar is wèl vereist bij ontslag van een stichtingsbestuurder. Voor die bestuurder geldt de preventieve ontslagtoets dus wel.

*let op: aangezien de WWZ ervan uitgaat dat werknemers niet mogen worden ontslagen in geval van ziekmelding vóór de indiening van een ‘officieel ontslagverzoek’ (UWV/rechter), heeft ziekmelding nà ontvangst van een uitnodiging voor een vergadering van aandeelhouders nu wèl een blokkerend effect!

Ketenregeling: afwijking mogelijk
De ketenregeling bepaalt hoeveel tijdelijke contracten iemand mag hebben voordat er sprake is van een contract voor onbepaalde tijd. Voor ‘normale’ werknemers geldt nu dat er maximaal drie opeenvolgende contracten voor bepaalde tijd kunnen worden gesloten gedurende een periode van maximaal twee jaar. Contracten zijn opeenvolgend als er een periode tussen zit van maximaal 6 maanden. In het geval van een onderbreking van meer dan zes maanden wordt er een nieuwe ‘keten’ gestart. Bij CAO kan overigens (deels) van de ketenregeling worden afgeweken.

Voor de statutair bestuurder geldt een uitzondering op de ketenregeling (7:668a lid 7 BW) wanneer dat althans wordt overeengekomen of in een regeling is vastgelegd. Er mogen slechts drie contracten worden gesloten, maar deze contracten hebben geen maximale looptijd. Zo is het bijvoorbeeld mogelijk om drie contracten te sluiten van ieder vier jaar, zonder dat een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd ontstaat.

Aanzegplicht: bij einde of voortzetting tijdelijk contract
Bij een tijdelijke arbeidsovereenkomst van 6 maanden of langer moet er tenminste één maand voor het einde van de arbeidsovereenkomst te worden aangezegd: de werkgever informeert de werknemer daardoor tijdig over het wel of niet voortzetten van de arbeidsovereenkomst en zo ja, onder welke voorwaarden. Deze aanzegplicht geldt ook ten opzichte van een statutair bestuurder.

Redelijke grond voor ontslag en billijke vergoeding
Net als voor iedere andere werknemer, kan de werkgever de arbeidsovereenkomst met een statutair bestuurder alleen opzeggen indien daarvoor een redelijke grond (7:669 BW) bestaat. Hierin verschilt de positie van de bestuurder derhalve niet van andere werknemers. Echter, een bestuurder kan geen herstel van zijn arbeidsovereenkomst vorderen (uitzondering: de stichtingsbestuurder).

Wel kan hij een zogenaamde billijke vergoeding vorderen indien:
1) een redelijke grond voor opzegging ontbreekt, of
2) de opzegging het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever.

Bedenktermijn: niet van toepassing op BV en NV bestuurder
Ingeval van schriftelijke instemming met een opzegging of het sluiten van een vaststellingsovereenkomst (VSO) kan een ‘gewone’ werknemer binnen een bedenktermijn van 14 dagen zijn instemming herroepen of de VSO ontbinden, zonder opgaaf van reden. Dit geldt niet voor de statutair bestuurder. Deze heeft geen herroepings-/ontbindingsrecht. Dat heeft mede te maken met het feit dat hij ook geen herstel van zijn arbeidsovereenkomst kan vorderen. Let echter op: de stichtingsbestuurder heeft dit recht weer wèl!

Transitievergoeding: geldt ook voor bestuurders
Het recht op een transitievergoeding geldt ook voor bestuurders, mits zij aan de vereisten voldoen (oa. twee jaar of langer in dienst).
Uitzondering: de bestuurder van een beursgenoteerde onderneming (NV). Deze wordt geacht niet op basis van een arbeidsovereenkomst werkzaam te zijn.

In de praktijk wordt regelmatig een vergoeding al overeengekomen in de arbeidsovereenkomst (‘golden parachute’), waarbij kan worden afgesproken dat de eventuele transitievergoeding wordt geacht daarin te zijn opgenomen.

SAMENVATTING
Ketenregeling: maximaal 3 contracten, maar looptijd van contracten is onbeperkt.
Ontslaggrond: de ‘gewone’ redelijke gronden. Het is niet mogelijk om herstel van de arbeidsovereenkomst te vorderen.
Bedenktermijn: niet van toepassing op bestuurders van BV of NV.
Transitievergoeding: van toepassing, tenzij bestuurder van een beursgenoteerde onderneming (NV).
Preventieve ontslagtoets: geen toestemming van UWV of rechter nodig, wel ingeval van een stichtingsbestuurder.

.